SAMEN STERK.

Memorandum voor de erkenning van sociaal-sportieve praktijken.

Sociaal-sportieve praktijken bundelen de krachten in een collectief. In dit memorandum geven we 5 aanbevelingen voor een daadkrachtig beleid. De lancering is meteen ook het startpunt voor een dialoog met beleidsmakers en het werkveld. De doelstelling: samen hefbomen ontwikkelen om een kwaliteitsvol en inclusief sportbeleid in de praktijk om te zetten. Omdat sport sterker maakt en verenigt.

Sport versterkt

Armoede en ongelijkheid zetten mensen buitenspel. Maar sport versterkt. Sport kan mensen in staat stellen om zich als burger te ontplooien, banden te scheppen en zich te engageren. Daarom nemen in heel Vlaanderen en Brussel steeds meer sportieve initiatieven een sociaal-maatschappelijke rol op. Hierdoor innoveren ze dagelijks ons sport- en vrijetijdsbeleid. Ze organiseren sport vanuit een sociale missie.

Ons sportlandschap transformeert. Binnen een divers en veelzijdig sportlandschap ontstaan er steeds meer ‘sociaal-sportieve praktijken’. Door hun aangepast aanbod ontwikkelen ze een sportprogramma met bruggen naar levensdomeinen zoals onderwijs, welzijn, tewerkstelling of jeugdhulpverlening. Maar te vaak worden ze gezien als een minderwaardig tussenstation naar de ‘reguliere’ sportclub.

Naar een beter beleid

Vele sociaal-sportieve praktijken ontwikkelden zich bottom-up, waardoor ze vaak in een onzichtbare en perifere positie staan binnen het lokale en Vlaamse sportlandschap. Dit resulteert in een moeilijk leefbare situatie. Duurzame ondersteuning bestaat nauwelijks en vele praktijken draaien op tijdelijke projectmiddelen. Dat wil zeggen dat ze blijven draaien op de goodwill van vrijwilligers of simpelweg ophouden te bestaan. De bestaande vormingsmogelijkheden in de sportwereld zijn bovendien te weinig afgestemd op de sociale realiteit waar sportverenigingen dagelijks mee in aanraking komen.

Sociaal-sportieve praktijken nemen verschillende gedaantes aan. Maar in hun werkwijzen, ambities en noden zijn ze opvallend gelijk. Ze bieden sport aan in duurzaam verenigingsverband en gebruiken daarbij een proceslogica die sterk aansluit op de krachtlijnen van sociaalwerkpraktijken. Hun aanbod is geworteld in principes zoals respect, gelijkwaardigheid en solidariteit. En allemaal zijn ze klaar voor een volwaardige erkenning. Er is een aangepast beleid nodig om de ontwikkeling van sociaal-sportieve praktijken te maximaliseren.

5 aanbevelingen voor het toekomstig inclusief sportbeleid:

1.Erken onze sportieve én sociale identiteit.
Sociaal-sportieve praktijken hebben zowel sportieve als sociale doelstellingen. De dagelijkse realiteit van onze praktijken kruist met domeinen als de welzijnssector, tewerkstelling, onderwijs, inburgering en jeugdhulp. Dit geeft ons een meervoudige identiteit, wat een aangepaste beleidsondersteuning vereist. We vragen aan de Vlaamse Minister van Sport om de leiding te nemen om met de ministers uit andere beleidsdomeinen een gepaste ondersteuning te ontwikkelen voor sociaal-sportieve praktijken. Ook vragen we de minister om zich te verhouden tot het lokale niveau, want de lokale inbedding van onze praktijken groeit. Laten we het lokale besturen gemakkelijker maken om sociaal-sportieve praktijken nog meer in hun sterkte te zetten.

2.Geef ruimte aan een belangenbehartiger voor sociaal-sportieve praktijken.
Het pionierswerk van veel sociaal-sportieve praktijken ontwikkelde zich bottom up, in de schaduw en soms ‘naast’ de bestaande geïnstitutionaliseerde sport- en vrijetijdsbeleidsincentives. Dat zorgt ervoor dat onze praktijkexpertise onderbenut wordt binnen beleidsvorming. We vragen een autonome organisatie die, met het volledige vertrouwen en goedkeuring van sociaal-sportieve praktijken, onze belangen vertegenwoordigt. Deze organisatie kan bovendien proceswerk met vertegenwoordigers van de structuren opzetten en ondersteuning/vorming voor sociaal-sportieve praktijken op gang zetten. Deze organisatie kan zorgen voor bonding en bridging. Het kan de eigen identiteit en expertise van praktijken verscherpen en tegelijk innovaties in het globale sportlandschap aanjagen.

3.Steun de nieuwe beroepskracht.
Samen met de opkomst van sociaal-sportieve praktijken duikt een nieuw en onzichtbaar profiel van beroepskracht op: de maatschappelijke sportcoach, die in de praktijk dagelijks aan de slag gaat met een (kwetsbare) doelgroep. De flexibele job vergt een complexe set van taken en vaardigheden van jeugdsportcoördinatoren, verenigingsmanagers, sociaal werkers, welzijnswerkers, enzovoort. Samen timmeren we aan een gelijkaardige methodiek waar sociale sportkansen centraal staan. Dit bottom up beroepswerk levert een kwaliteitsinjectie in het Vlaamse vrijetijdslandschap, maar we staan vaak alleen. Het voortbestaan van onze job en praktijk is in veel gevallen hoogst onzeker. Laten we een gezamenlijk beleidskader creëren en ons sociaal-sportieve veldwerk duurzaam ondersteunen.

4.Zorg voor meer sociale accenten in het bestaande opleidingsaanbod.
We pleiten voor het (door)ontwikkelen van cursussen en meer sociale accenten in het bestaande sportopleidingsaanbod. Thema’s zoals diversiteit en armoede verdienen een vaste en uitgebreide plek in het basiscurriculum van onder meer de Vlaamse Trainersschool, federaties en hoger onderwijs. Bij gebrek aan bestaande opleidingen, werkten verschillende sociaal-sportieve pioniers zelf een vormingsaanbod uit. Met het platform reiken we onze hand uit naar vormings-en opleidingsinstellingen, sportvakgroepen en de erkende opleidingen sociaal werk om samen te bouwen aan een beter afgestemd vormingsaanbod.

5.Maak ruimte voor co-creatief onderzoek.
Ondersteun onderzoek dat vertrekt vanuit de noden en prioriteiten van sociaal-sportieve praktijken. We willen vanuit een ‘academische werkplek’ samen met onderzoekers aan de tafel zitten om praktijkgericht en sterk theoretisch onderzoek te formuleren. Onderzoek moet finaal leiden tot praktisch bruikbare inzichten. Onderzoekers hebben vanuit hun bevoorrechte positie tot het beleidsmakingsproces een belangrijke rol. Deze rol moeten ze vanuit gelijkwaardigheid met ons delen.


Deze tekst werd opgesteld en ondertekend door:
Antwerp Street Boys, Atlemo, Beerschot Boys, Beerschot Vrienden Atletiek Club, BIS Foyer, Boezjeern Eeklo, Brussels Boxing Academy (D’Broej), Brussels Brazilian Jiu Jitsu Academy, Brussels Young Wrestling Style, Buurtwerk ’t Lampeke, BX Brussels, Cano Pieter Simenon, Circus Zonder Handen, City Pirates Antwerp, Football Changes Lives Foundation, Foyer Cricket Club, KAA Gent Foundation, Kras Sport, Kuregem Boxing Academy, Les Gazelles de Bruxelles, Mechelse Hattrick, Minor Ndako Sport, Molenbeek Rebels Basketball, Right2score Foundation, Rising You, RWDM Girls, Schwung (De Wissel), Sportaround, Sportify (Oranjehuis vzw), Sportpret vzw, Urban Center Brussel, Wolf Pack Nation, Xtra Time (De Sleutel/Weerwerk)

Download het volledige memorandum.